Zeewater is altijd in beweging. Dat komt door de invloed van de zon, weersomstandigheden, zoals wind en regen, en zelfs door de maan die de getijden, eb en vloed veroorzaakt.
En er is de laatste tijd nog een verandering aan de gang, de zeespiegel stijgt. Die zeespiegelstijging gaat erg langzaam. Je kunt het niet zien gebeuren, maar het heeft uiteindelijk wel grote gevolgen.
Het water stijgt door klimaatverandering. Het wordt warmer op aarde, en daardoor smelt landijs op de noord- en zuidpool, waardoor er meer water in de oceanen terecht komt. Maar er is nog een oorzaak voor zeespiegelstijging, warmer water zet uit. Warmer zeewater neemt dus meer ruimte in. Hoe warmer de aarde en de zeeën worden, hoe hoger dus zeespiegel.
Om te weten hoeveel en hoe snel het water stijgt, en hoe snel, worden metingen gedaan. Niet met een meetlint, dat is niet te doen. Daarom kijken onderzoekers vanuit de ruimte naar de aarde. Met allerlei satellieten, die hoog boven onze planeet cirkelen.
Er is bijvoorbeeld een satelliet die de temperatuur meet van het zeewater.
Anderen houden in de gaten hoeveel landijs er smelt en in welk tempo.
En weer andere apparaten meten de hoogte van de zeespiegel op verschillende plekken.
Alle gegevens worden goed bijgehouden in kaarten en animaties. Zo kunnen onderzoekers meer leren over de zeespiegelstijging en ook voorspellingen doen voor de toekomst. Waar stijgt de zeespiegel het snelst, en welke gebieden kunnen daardoor mogelijk overstromen? Die informatie is niet alleen van belang voor wetenschappers, maar voor iedereen.
Met deze informatie kunnen er plannen worden gemaakt voor het verminderen van zeespiegelstijging en kunnen regeringen beslissen waar bijvoorbeeld hogere dijken moeten komen. Zodat we – ook in de toekomst – goed zijn voorbereid op het veranderende klimaat en een stijgende zeespiegel.