Nu Sint-Maarten zwaar getroffen is door orkaan Irma, krijgen we geregeld de vraag: wat is nu precies de relatie tussen Nederland en het eiland? Daarvoor maken we een rondje door het Koninkrijk der Nederlanden. Want dat is een stukje groter dan de 12 provincies die je hier kent. Het koninkrijk bestaat naast Nederland uit nog drie landen: Aruba, Curaçao en Sint-Maarten. En dan hebben we ook nog drie openbare lichamen, een soort bijzondere gemeentes. Dat zijn Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. Ook wel de BES-eilanden. Op die laatste komen we zo terug, nu eerst even over die drie landen. Curaçao en Sint-Maarten zijn sinds 2010 zelfstandig, Bonaire is dat al sinds 1986. Dat de landen tegenwoordig zelfstandig zijn, betekent dat ze hun eigen regering en wetgeving hebben en losstaan van Nederland. Ze zijn bijvoorbeeld zelf verantwoordelijk voor hun eigen politie en zorg. Maar niet voor het leger. Defensie wordt namelijk gezien als iets voor het hele koninkrijk, we spreken niet voor niets van de Koninklijke Landmacht. Met andere woorden: alle landen vallen onder het ministerie van Defensie in Den Haag. Dat heeft als taak te helpen bij noodsituaties en dus moeten Nederlandse militairen verplicht hulp bieden. En financiële hulp dan? Dat is niet helemaal duidelijk. Volgens artikel 36 uit het statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden moeten de landen elkaar onderling hulp en bijstand bieden maar hoeveel dat is, is niet vastgelegd. Bij de drie openbare lichamen is dat veel duidelijker. Wanneer over deze landen een orkaan trekt, is dat niet anders dan wanneer dat bijvoorbeeld in Utrecht zou gebeuren. In de wet staat dat er dan geld moet komen voor noodhulp en wederopbouw.