Wat gaan we doen, Wijze Varen? Wat gaan we doen? We gaan kijken hoe sterk een vel papier eigenlijk is. Deze is goed om te gebruiken...Charlie, nu is hij kapot! Ja, omdat hij niet sterk is en ik lekker wel. Nee, nee, we gaan het anders doen. We rollen het papier eerst op. Charlie. Ik moet toch kijken hoe sterk het is? Ook al ben ik lekker veel sterker. Nee, we gaan boeken op het papier leggen. En dan kijken we hoe sterk het is. Oke. Charlie, wat denk je dat er gebeurt als ik dit boek hierop leg? Dan zakt het in elkaar natuurlijk. Dat weet iedereen. Ja? Tada. Wauw. Zo, hee! Maar nog een boek erbij, dat lukt nooit. Dank je wel. Charlie, jij bent toch niet mijn boekenkast aan het plunderen, he? Charlie? Maar Wijze Varen, u heeft de meeste boeken van de Tovertuin. En ik wil heel graag zien hoe sterk dat papier is. Dat is waar. Weet je, het rondje papier verdeelt het gewicht van de boeken. En daardoor is het supersterk. Charlie! Charlie, wat doe je nu? Je zei toch dat het papier supersterk is? Mooi niet dus! Ja, maar we zijn boeken aan het stapelen. Geen hondjes aan het...Nee, nee. Want die zijn toch het sterkst. Ja, hondjes zijn veel sterker dan papier. Dat is waar.