We gaan terug in de tijd. Terug naar vroeger. Op dit tijdlint kun je zien hoe ver terug. Elk blok is vijfhonderd jaar en we gaan vijfduizend jaar terug in de tijd dat is dus tien blokken. Terug naar de tijd van de hunebedden. Lars, voorzichtig zijn als ik weg ben hè, alleen hazen. Ik kan toch net zo goed jagen? Met een meisje, ga maar wat friemelen met die potten van je of zo. Haas, die heb ik twee happen op. Ik slacht wel een beer voor je, dan kan je een jas maken. Ma, ik ga hout halen. Help, help! Niks gevangen? Nee, ik zat wat aan het uitrusten. Aaah, wat ben je lief. Weet je wel waar je op staat? Euh, nee. Snel. Kom op, kom nou. Janna, Janna? Ik geloof dat onze grote held iets wil zeggen. Janna? Ja. Over net met die koe en zo. Ja. Dat hoeft niet iedereen te weten. Dat kan geregeld worden. Wat wil je dan? Een bontvel, jij gaat hout voor mij halen en… Jij gaat de potten versieren. Nee. Geen vlees vandaag. Lars heeft een koe gevangen! Met gevaar voor eigen leven sprong Lars bovenop de koe die wild om zich heen schopte. Rook kwam uit de neus en na een half uur op de koe gereden te hebben heeft Lars die wilde koe getemd. Is dat waar Lars? Ja, zoiets. Ik weet het niet meer zo goed. Ik denk dat we wel weer hout voor op het vuur kunnen gebruiken. Lars? Eeeh, ik ga wel eventjes.