Ah, dat is beter. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8. 24, ha! 24 doosjes. Maar hoeveel paprika’s zijn dat? Even kijken. Dozen paprika’s. 1 doosje is 4 paprika’s. 2 doosjes zijn 8 paprika’s. 3 doosjes 12 en 4 16. Tada! Een verhoudingstabel. Precies wat we nodig hebben! Maar: we hebben 24 doosjes. Wacht, 1 doos is dus 4 paprika’s. 10: een nulletje erbij, dat zijn er dus 40. Dan even verdubbelen: dus 20 zijn dan 80 paprika’s. Maar: we hebben 24 doosjes. Dus 4 zijn 16 paprika’s, 24 zijn dan dus 80, 16 erbij, 96 paprika’s! Rekenen wordt heel makkelijk door zo’n tabel! Maar het kan dus ook zo, wacht! Dozen paprika’s. Telkens verdubbelen. Let op: 1 doos zijn 4 paprika’s, 2 dozen zijn er dan 8, 4 > 16, 8> 32, 16> 64 en 32> 128! En zo kan ik nog wel eeuwig doorgaan! Maar dat hoeft niet, want we hebben natuurlijk 24 dozen. Eens even kijken, 16 heb ik, 16 erbij 8 is 24. Dus: 16 is 64 paprika’s. 8 zijn 32 paprika’s. 64 erbij 32 zijn 96 paprika’s. Roos, wat ben je toch een rekentalent! Oh, even SMS-en naar mama. Even kijken.
Jeetje, Pietje, dat ziet er goed uit zeg! Maar eerst even check, check, dubbelcheck, dat is heel belangrijk. Ik had al iets gezien, niet met 4 paprika’s, maar met 6 appels. Maar ja, dat kan natuurlijk ook, principe blijft het hetzelfde. Ah, dat is dus de hoeveelheid dozen: 1, 2, 3, 4. Ja, logisch, en dat is de teller van de appels. Ja, even terug, even terug jullie. Juist! Dus 1 doos met 6 appels, 12 appels, 18, 24 appels, ja, dat is handig! Ah, 1 doos is 6 appels. 10 dozen zijn dus 60 appels. En 20 dozen zijn 120 appels. 180, 240, 300, 360, 420, 480, 540 en 100 dozen zijn maar liefst 600 appels! Maar ja, dat is ideaal zo’n tabel! Alles klopt gewoon! Heerlijk!