Na water is thee de meest gedronken drank ter wereld. De verschillende soorten thee ontstaan door de manier waarop de producent de blaadjes na de oogst laat oxideren. Groene thee is bijvoorbeeld nauwelijks geoxideerd en zwarte thee is zwaar geoxideerd. De theesoort oolong valt daar tussenin. In het Chinees betekent oolong 'zwarte draak'. Het is een semi-geoxideerde thee, sterker dan groene thee maar milder dan zwarte thee. De smaak, het aroma en de kleur – die uiteenloopt van lichtgeel tot donkerrood – varieert afhankelijk van de manier waarop de theebladeren behandeld zijn. Deze amberkleurige oolong is geproduceerd in Thailand. De smaak is rijk, mild en rookachtig. Net als de meeste theevariëteiten wordt oolong gemaakt van de bladeren van de theeplant, Camellia Sinensis. De oogst is tijdens de top van het groeiseizoen, in Thailand van mei tot november. De thee wordt met de hand geplukt. Het gaat de plukkers om de toppen: twee jonge bladeren met een knop ertussen, helemaal bovenop de plant. In het groeiseizoen groeit aan een plant elke zeven tot vijftien dagen een nieuwe top. En ervaren theebrander overziet elke stap van het productieproces. De eerste stap heet de verflensing. De bladeren gaan naar een gebouw met een glazen dak, waar ze 15 tot 20 minuten in de zon liggen. Zo kunnen de enzymen in het bladgroen het oxidatieproces opstarten. Tegelijk begint het vocht te verdampen. De bladeren worden steeds gehusseld, zodat ze allemaal genoeg zon krijgen. Dan verzamelen ze alles voor de tweede fase: het zonlicht heeft het proces gestart, dus nu kunnen de bladeren zelf verder oxideren. Dat doen ze op deze bamboe schalen, gedurende 6 tot 8 uur. Om de twee uur worden ze even opgeschud. De derde stap: rollen. De bladeren gaan in deze cilinder. Door het draaien kneuzen en scheuren de blaadjes. Zo worden de celwanden afgebroken, waardoor zuurstof overal kan doordringen. Ook komt vocht vrij, dat de thee meer smaak geeft.
Als de theebrander besluit dat de bladeren voldoende geoxideerd zijn, stoppen ze het oxidatieproces. Dat doen ze door de bladeren 10 tot 15 minuten in deze gasgestookte droger rond te laten draaien. Deze stap heet fixeren, want het stopt de oxidatie op het gewenste punt. Dat kan van 8 tot 85 procent zijn, afhankelijk van het soort oolong dat men wil maken. Dit is de belangrijkste fase van het proces, want dit bepaalt de uiteindelijke smaak, geur en kleur. In de volgende stap wordt de thee samengeperst. Maar eerst schudden ze de bladen om alle ongewenste stofdeeltjes eruit te zeven. De bladeren gaan in een katoenen doek. Door die te rollen en te kneden klontert de thee samen. Dat versterkt de smaak van de thee en geeft die smaak ook weer langzaam af als de thee in heet water staat te trekken. Dat zeven, rollen en kneden doen ze tot wel vijfendertig keer, totdat de theebrander tevreden is met het resultaat. Dan begint de laatste stap: het drogen. De thee ondergaat in een oven drie droogcycli van twintig minuten, bij ongeveer honderd graden Celsius. Zo drogen ze de vochtige thee en wordt het vochtgehalte teruggebracht tot minder dan vijf procent. Het drogen ruikt overigens heerlijk. Oolong hoor je te zetten in een theepot van klei. Gebruik ongeveer twee theelepels per kopje. Het theewater moet ergens tussen de negentig en honderd graden zijn. Niet te haastig, want je moet 'm tussen de 3 en 10 minuten laten trekken. Als de pot is leeggedronken, kun je er nog vijf keer water bij doen, voor verse thee!