Douchen, drinken, koken, afwassen… Vanaf het moment dat je wakker wordt, totdat je weer gaat slapen, gebruik je er zo’n 120 liter van: water. Maar het is wereldwijd lang niet voor iedereen vanzelfsprekend dat het zo rijkelijk vloeit. Sterker nog: van sommige plekken wordt voorspeld dat de laatste druppel binnenkort uit de kraan komt.
Wat is er aan de hand? Het oppervlak van de wereld bestaat voor 70% uit water. Van de totale hoeveelheid water is maar 2,5% zoet, te drinken dus. Een deel daarvan kunnen we gebruiken doordat het in meren, rivieren en ondergrondse reservoirs zit. Maar ook een groot deel zit vast, bevroren in ijskappen. Je kunt dus wel stellen dat het schaars is. Inderdaad, wereldwijd leven 4 miljard mensen in gebieden die minimaal een maand per jaar te maken hebben met ernstige waterschaarste. Dat wil zeggen dat er meer water wordt onttrokken aan rivieren, meren en het grondwater dan dat er wordt aangevuld. Vooral watersystemen in snelgroeiende grote steden kunnen de vraag vaak niet bijbenen. En tel daarbij op dat we het grootste gedeelte van het zoete water gebruiken voor landbouw. Er moet wel iets gebeuren, want de wereldbevolking blijft maar groeien. In 2050 zijn we volgens de VN met 9 miljard mensen, en die hebben allemaal water nodig. Direct of indirect. En als er van iets weinig is, liggen conflicten op de loer. Daarom waarschuwen sommige experts nu al voor honger, oorlog en vluchtelingen als een indirect gevolg van watertekort. Moeten we niet willen, toch?