Jij bent hoornist he zie ik en hoe zorg je nou, dat je conditie bewaart?
Ja, conditie bewaar je door te studeren, dus echt een paar uur per dag. En conditie bouw je ook op in een week met opnames en met repetities, zoals vandaag. En bij ons is het belangrijkste: rond je mond zitten een heleboel kleine spiertjes en die spiertjes, die moet je allemaal in conditie houden, omdat het instrument zelf geen geluid maakt. Het geluid wat je maakt met een hoorn doe je eigenlijk met je lippen, net als bij een trompet. Dus je doet eigenlijk pfffrrrrt, en dan door je daar een mondstuk op en dan krijg je: “…”, en toen. Kijk: als je gewoon blaast: “…”, dan gebeurt er helemaal niks. En als je daar dan een hoorn aan hangt, dan krijg je: “…”, en dan krijg je dus een geluid.
Wat doe je nou met je hand, want die steek je in de beker zie ik?
Ja, nou, dat is best een lang verhaal. Vroeger hadden hoorns geen ventielen, in de tijd van Mozart was het gewoon een enkele buis. En nu zitten daar ventielen bij.
Ja, dat zijn deze dingen hè?
Ja, deze knopjes, die draai je en dan neemt de lucht een andere weg en dan krijg je een ander geluid. In de tijd van Mozart hadden ze die niet. Dan kun je nog steeds een heleboel tonen maken. Nou, als je dan je hand gebruikt, kun je wel degelijk nog andere tonen maken hè, dan doe ik zo meteen, dat kun je zien: dan doe ik mijn hand zo op en neer en dan gebeurt er wat. En daar gebruik je je hand soms voor. En je gebruikt je hand om de intonatie aan te passen, dus als het vals wordt, kun je ermee hoger en lager spelen.
Ja, en het zijn wel een hoop buizen niet waar?
Ja, dit is bij elkaar veel meer dan drie meter buis!
Zo, nou, dankjewel, tof!