In 1924 werd het Rietveld Schröderhuis in Utrecht gebouwd. Het was een samenwerking tussen de architect Gerrit Rietveld en de opdrachtgeefster, en de eerste bewoonster, mevrouw Schröder. In 2000 is het huis op de Lijst van Werelderfgoederen van UNESCO geplaatst. Ik vind dat dit huis terecht op de Werelderfgoedlijst staat, omdat het een uniek voorbeeld is van modern bouwen. Het is in alles, in zijn opzet, in hoe het er uitziet, is het zo exemplarisch voor hoe men op dat moment dacht over hoe je zou moeten wonen. En eigenlijk is het nergens meer zo uitzonderlijk tot stand gekomen. Dus, ja, het is terecht, dat het tot het werelderfgoed behoort.”Het is een eis van UNESCO dat de werelderfgoederen goed onderhouden worden. Architect Bertus Mulder is voor het Rietveld Schröderhuis daar mede verantwoordelijk voor. Het kost behoorlijk wat moeite en inspanning om dit huis in een goede staat te houden. Het ziet er nu weer leuk en prima uit, omdat het een behoorlijke onderhoudsbeurt gehad heeft, maar dat moet heel regelmatig gebeuren. Want het is zo dat elke vierkante centimeter van het huis is geschilderd en behoeft onderhoud. Ik heb een plan gemaakt voor het onderhoud, een onderhoudsplan, voor een periode van tien jaar, want je moet eigenlijk het huis zo onderhouden, dat het grote onderhoud voorkomen wordt. Daar boven het keukenraam, daar loopt een balk en die zit vast aan dat rode paaltje dat voor het keukenraam staat, dat punt, dat heeft de timmerman al een paar keer echt goed behandeld. Maar daar moeten we dus steeds op letten, dat dat goed geschilderd blijft en dat er geen vocht naar binnen kan komen.] Het huis zou in 1924 veel minder onderhoud gehad hebben dan dat nu het geval is. Er loopt nu een zeer drukke verkeersweg hierlangs, die auto’s, die produceren allemaal gassen, en daardoor is het klimaat veel erger zuur geworden en wordt alles, de buitenkant van het huis, gewoon veel sneller aangetast. Ik denk dat dit huis in ’24, toen het gebouwd is, echt een wereldwonder was. En ik kan je ook nog zeggen dat, toen ik het in 1950 voor de eerste keer zag, was het voor mij ook een wonder. Het is een wonder van een nieuwe architectuur en een nieuwe manier van wonen. En omdat dat zo is, denk ik, dat je het ook moet bewaren, dat je moet zorgen dat het nooit verdwijnt, omdat het nog steeds een inspiratiebron is voor ongelooflijk veel mensen.