"De frequentie waarmee celdelingen plaatsvinden houdt verband met de levensduur van de cellen. Een rode bloedcel leeft gemiddeld vier maanden, een huidcel zo’n maand en een zenuwcel wel tientallen jaren.
We hebben aan het uiteinde van de chromosomen telomeren, dat zijn eigenlijk beschermlaagjes aan de buitenkant van het chromosoom. Bij elke deling gaat er een laagje af en dat is ervoor om ervoor te zorgen, dat cellen niet onbeperkt kunnen blijven delen, wat bij kanker het geval is. Dus als kankercellen in het begin heel vaak gaan delen, raken ze door hun schilletjes heen, raken ze door hun telomeren heen. Telomerase wat normaal die schilletjes aanvult werkt niet en als gevolg daarvan gaan die kankercellen heel vaak dood. Eigenlijk kun je zeggen, dat je alleen maar echt kanker kan krijgen als de kankercellen in staat zijn om die schilletjes weer aan te vullen, doordat het enzym wat dat weer kan aanvullen, het telomerase-enzym, tot nieuwe activiteiten aan te zetten. Dat gebeurt heel zeldzaam, en daarom is kanker dus ook relatief gezien zeldzaam. Als we die bescherming niet hadden, van een eindig aantal delingen kunnen doorlopen, dan zouden we veel vaker kanker krijgen."
Voor elke celdeling moet eerst het DNA verdubbeld worden. De streng opent en van elke helft wordt weer een nieuwe wederhelft gemaakt. Maar bij elke celdeling worden de uiteinden een stukje korter. De telomeren brokkelen af en zo wordt het chromosoom steeds korter, tot het niet meer kan delen.
Het enzym telomerase zorgt ervoor, dat de chromosoomuiteinden weer aangroeien. Het chromosoom wordt niet korter en de cel kan blijven delen. Echter: telomerase komt alleen voor in geslachtscellen, stamcellen en helaas ook in kankercellen.
"Als je het aanzetten van het telomerase zou kunnen voorkomen, dan zou je ook kanker kunnen voorkomen. Maar als je het 'telomyrase aanzetten' helemaal zou tegengaan, dan zouden toch op een gegeven moment onze bloedcellen, die voortdurend vernieuwd worden en die ook moeten delen, die zouden op een gegeven moment uitgeput raken en die gaan dan ook dood, en dan bevorder je het verouderingsproces weer. Dus ergens is er een balans tussen de aanmaak van nieuwe cellen toestaan en niet teveel, want dan krijg je kanker."