Tot 700 na Christus is het in het westen en midden van Nederland te nat om te wonen. Maar dan wordt het droger. Er zijn veel natuurlijke beschermingen tegen de zee ontstaan, zoals duinen, hoog opgeslibte kwelders en strandwallen zoals hier bij Spaarnwoude. En ik sta nu op de top van zo’n strandwal.
Er komen weer mensen naar deze gebieden. Ze vestigen zich langs de grote rivieren en stichtten er handelsnederzettingen zoals Dorestad, het huidige Wijk bij Duurstede. En Wit?a, een plaats aan de rivier de Rotte in de buurt van Rotterdam. Vooral Dorestad wordt een belangrijke internationale handelsplaats. De ligging aan twee belangrijke vaarwegen is hier de oorzaak van. De ene route verbindt het Duitse Rijnland met Friesland en de Scandinavische landen en de andere route vormt een verbinding tussen het Rijnland en Engeland. Maar men kan van hieruit ook Vlaanderen Noord-Frankrijk en zelfs Zuid-Europa bereiken. De huizen in Dorestad zijn van hout en leem. Waarschijnlijk stonden die als een lint langs de rivier met kades tot ver in het water. Er wordt gehandeld in uiteenlopende goederen waarvan de grondstoffen en halffabricaten uit onder andere het Middellandse Zeegebied komen. Om die goederen te bewerken komen er ook gespecialiseerde vaklieden naar Dorestad. Alles wordt aangevoerd via het water en weer doorgestuurd op dezelfde manier. De welvaart in de gebieden rond de rivieren groeit dankzij het water en dat is eigenlijk nog steeds zo. Ook hier in de buurt van de vroegere plaats Wit?a en van die plaats is helemaal niets meer over. Die is waarschijnlijk helemaal weggespoeld bij een stormvloed in 839. Maar de economie floreert hier nog steeds. De havens van Rotterdam zijn ook nu nog van groot belang voor de doorvoer van internationale handelsgoederen in het achterland en vice versa.