2023 was het warmste jaar ooit gemeten. En niet alleen op land, ook de zeeën worden steeds warmer. Zoals onze eigen Waddenzee. Klimaatwetenschappers maken zich zorgen. Op dit moment hebben we te maken, zitten we er middenin, in de invloed van klimaatverandering. Zoiets van 10 tot 90% van deze zandplaten zullen verdwijnen. Hoe ziet het Nederland van de toekomst eruit als de temperaturen blijven stijgen? Het NIOZ, het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee, houdt al sinds 1861 de stand van de Waddenzee in de gaten. En met deze visfuik houdt het al 64 jaar dagelijks de veranderingen van de visstand bij. En het zijn juist die inzichten die laten zien dat er ontzettend veel verandert. Het aantal vissen dat wetenschappers in deze netten vangen neemt sterk af en het zijn ook vaak andere vissoorten. Koudwatersoorten zoals de kabeljauw. Nou, die, die was vorig jaar toevallig nog wel twaalf keer gevangen. Hier in de Waddenzee, maar die is in ieder geval dit stukje van de Waddenzee is ie eigenlijk dit jaar nog helemaal niet aangetroffen. Nou, dat heeft heel veel verschillende oorzaken. Visserij, vooral temperatuur van het water. De temperatuur van het water, die stijgt. Wetenschappers maken zich steeds meer zorgen over de opwarmende zeeën. Een stijgende temperatuur betekent namelijk ook dat de zeespiegel stijgt. En dat heeft niet alleen effect op het leven in de zee. Ook voor miljoenen vogels wordt het steeds moeilijker om te overleven. Om erachter te komen hoe dat precies zit, ga ik vandaag mee met ecoloog Allard Bijleveld, het Wad op. Wat een prachtig uitzicht! Wauw, dat is echt mooi! Net een groepje rotganzen overvliegen. Die hebben hier dan binnendijks gezeten, en als het water dan weggaat, nu laag water, dan komen die vogels ook van binnendijks. Die ganzen dan, die komen dan naar buiten toe. Wulpen, scholeksters om wat te eten. Daar word je vrolijk van. Daar word ik heel vrolijk van. Het is een prachtig gebied hier.
Allard doet met zijn team onderzoek naar het gedrag van de vogels van de Waddenzee en maakt zich vooral zorgen dat de wadplaten steeds minder vaak droog komen te liggen door het opkomende water. Je ziet grote wadplaten voor ons en je ziet er al groepjes vogels zitten. Kan van deze afstand niet zo goed zien, maar rosse grutto's volgens mij, scholeksters. Je hoort wulpen. Ik wou net zeggen. Ja, en dit is jouw laboratorium. Ja. Ja, hier verzamelen we data en hier doen we ons werk en kijken naar welke dieren in de bodem leven. We kijken welke vogels daar weer van leven, waar die vogels naar toe gaan. Dus hier zijn we heel veel, dit proberen te begrijpen wat je hier ziet, deze schoonheid. Waarom is dit zo mooi en waarom? Waarom is dit zo rijk aan dieren? Waarom zitten hier zoveel vogels en hoe gaat het veranderen ook in de toekomst? Dus daar zijn we heel geïnteresseerd in. Ook een beetje bang voor? Ja, ik... Nou ik ben niet zo snel bang over dat soort dingen, maar dit is wat ik maak. Wel zorgen, zeker. Ja ,dus de voorspelling is zoveel meter water erbij hier in de Waddenzee, dus afhankelijk van welke voorspelling uit zal komen, afhankelijk van hoeveel CO2 we weten te reduceren, zal iets van 10 tot 90% van deze wadplaten verdwijnen. Dus dat dat zou echt dramatisch zijn. Deze wulp die je nu over hoort vliegen hier en roepen waar kan die dan nog eten zoeken en hoe zal dit veranderen dan? Dus dat maak ik me heel erg zorgen over, ja. Jaar na jaar sneuvelt het ene klimaatrecord na het andere. En ook de Waddenzee had de twijfelachtige eer om er vandoor te gaan met een hitterecord. We zien het eigenlijk al pak hem beet vijftien jaar, zien we het hier gewoon gebeuren. We zien het hier terug op de wadplaat. We zien het in het water, we zien het aan de zeehonden, we zien het aan de vissen, we zien het overal. We zitten er middenin. Katja Philippart is naast haar werk als directeur van de Waddenacademie ook als ecoloog betrokken bij het NIOZ. Al sinds 1978 doet ze onderzoek naar de Waddenzee. Met haar collega's van het NIOZ houdt ze al decennialang de zeetemperatuur bij. Dat gaat meestal met geavanceerde meetapparatuur en soms gewoon door een emmertje overboord te kieperen. We meten de temperatuur vanaf 1861. Dat is echt een hele lange weg. Dan zeg ik we, maar dan praten we over vijf, zes, zeven generaties inmiddels. 12,1 graden. Nou ja, we hebben het al eerder gezien, temperaturen zijn relatief hoog. Dit is de gemiddelde temperatuur door het jaar heen van het zeewater in het Marsdiep, gemeten vanaf 1861. En dit is de temperatuur in 2023. In juni werd zelfs de hoogste temperatuur ooit gemeten, maar liefst 21,6 graden. En die hoge temperatuurrecords volgen elkaar steeds sneller op. Waar ik het meeste zorgen over maak is de snelheid waarmee klimaatverandering plaatsvindt. De snelheid is ongekend. Er wordt wel eens gezegd, ja, vroeger had je ook hoge temperaturen in korte tijd Zo snel als het nu gaat, is ongekend. En dat betekent ook dat soorten zich wel aan kunnen passen. Maar dat heeft tijd nodig en met deze snelheid maken we het de soorten wel heel erg lastig om zich aan te passen. Ja, wat we hier bijvoorbeeld zien is een, dit is nou zo'n kokkelschelp. Nou, die is nog niet zo lang dood, want hier zitten ze nog aan elkaar en dit is alleen de buitenkant. Dit is een skelet dat zit bij deze dieren aan de buitenkant, en binnenin zit dan het vlees wat de schelpdieren eten. Ze hebben alles. Ze hebben ook een hart. We hebben ook de hartslag gemeten, dertig slagen per minuut in rust, dit beest. Nou die zijn smakelijk. Niet alleen voedzaam, niet alleen voor de vogels, maar ook voor ons. Mensen eten ze ook graag. Maar vanaf 2018 gaat het dus mis als massaal dode schelpdieren op het strand aanspoelen. Die kokkelsterfte, daar schrok ik wel van. Dat hebben we nu al verschillende jaren gehad. En dat er zoveel kokkels doodgaan dat je het hele Wad bezaaid ziet liggen met dode kokkeltjes. En dat is eventjes heel goed voor heel veel vogels, want die eten ervan als ze dood zijn. Maar daarna zijn die kokkels niet meer. Die massasterfte onder schelpdieren is dus waarschijnlijk een gevolg van de opwarming van de Waddenzee. En daar proberen ze hier in Wageningen wat aan te doen door te kijken naar welke schelpdieren het best bestand zijn tegen die opwarmende zeeën. Het is belangrijk om op individueel niveau te meten, omdat je dan in de toekomst ook kunt selecteren. Als je schelpdieren kunt kweken die tegen hitte kunnen, kun je die vervolgens weer uitzetten in de Waddenzee. Ik denk dat daar een mosselbank zit en dat die vogels proberen daarop te gaan zitten. Zie je dat? En dat ze het net niet redden want je ziet ze omhoog en weer zakken en weer omhoog. Dus de vraag is, we zitten nu ongeveer rond laagwater dus het laagste punt van het water. Zakt het nog wat, dan kunnen ze erbij. Gaat het weer omhoog, dan nog blijft deze snackbar dicht vandaag voor ze. Je moet accepteren dat we andere vissen krijgen. De klimaatdoelen worden de hele tijd achtergesteld. Er zijn op dit moment veel andere dingen die eerst de aandacht vereisen, maar dit komt wel door effecten van die de mens heeft op zijn omgeving die heel schadelijk zijn. En daarom moeten we, vind ik, proberen die schade zoveel mogelijk in te perken. En toch, ondanks de sombere modellen die ze soms uit hun studies halen, zie ik ook een soort strijdbaarheid om te blijven doen wat ze kunnen doen. Ik word niet moedeloos, maar we moeten wel aan de slag, alles wat we... Hoe langer we het uitstellen, hoe meer we op de volgende generatie neerleggen. En ook hoe meer het moeite zal kosten, want we lopen steeds verder uit de pas om dat, nou ja, om het weer terug te krijgen wat wij zelf aanvaardbaar vinden.