De watersnoodramp van 1953 in Zeeland, Brabant en de Zuid-Hollandse eilanden is de grootste watersnoodramp van onze tijd. De storm kost aan meer dan 1800 mensen het leven. De dijken zijn te zwak voor de enorme muur van water die vanuit de Noordzee op Nederland afkomt. In de nacht van 31 januari 1953 breken de dijken op tientallen plekken door. Het water is meters hoger dan normaal en blijft stijgen omdat het vloed is. De schade is onvoorstelbaar. Er worden hele straten en zelfs dorpen weggevaagd door het water. Veel mensen verdrinken gelijk. Anderen zitten uren zelfs dagen op het dak van hun huis in de ijskoude storm. Stoffel van Mourik is in die tijd een jonge man. Hij woont in het Zeeuwse dorpje Capelle met zijn ouders, zijn broer en twee zussen. Als het water komt vlucht hij naar het dak samen met zijn vader en broer. Vanaf het dak ziet hij om zich heen mensen verdrinken en huizen instorten.
Heeft u huizen zien verdwijnen, en wat dacht u toen? Wij zijn de volgende?
Dat dacht je niet, dat wist je zeker! Dat huis van de buurman, dat was al weg, en dit was weg, maar toen ging dat van ons, dat ging ook weg.
Als ook het huis van Stoffel instort, wordt ij door het woeste water meegesleurd, door het gat in de dijk de Oosterschelde op. Hij houdt zich vast aan een paar stukken wrakhout, en de hele nacht drijft hij midden op zee in het ijskoude water, zonder te weten waarheen.
U was doorweekt, verkleumd, u dacht ik ga dood?
Dat wist ik zeker!
Na een nacht dobberen zag u een dijk en dacht dat is mijn redding! Nou ja, dat voelde ik kennelijk dat dat de redding was.
Uiteindelijk bereikt Stoffel de dijk en overleeft het. Zijn vader overleeft de ramp ook. Maar de rest van het gezin komt om in de stormnacht. In het watersnoodmuseum in Ouwerkerk is nu een speciaal monument opgericht waarin overlevenden hun herinneringen aan hun dierbaren aan het publiek laten horen. Ook Stoffel deelt hier de herinnering aan zijn broer waarvan hij veel hield.
En hier staan uw familieleden ook bij, uw broer Pieter Adriaan van Mourik, mag ik die aantikken?
Een herinnering van Stoffel van Mourik aan Pieter Adriaan van Mourik. Ik ging met hem om als met mijn vriend. Toen het water kwam op 1 februari 1953 hebben wij dat gezamenlijk zeer intens beleefd. Gedurende al die uren was hij degene die steeds nog een mogelijkheid bleef zien om erdoor te komen. Hij gaf aan hoe wij ons moesten gedragen, mijn vader, hij en ik. En wat we moesten doen. Hij kon zeer goed zwemmen, veel beter dan ik. Juist daarom kon ik niet geloven dat hij verdronken was. Piet is 24 jaar geworden.