Dit is een standbeeld van Tula. Het staat in Willemstad, de hoofdstad van Curacao. Dat eiland werd in de zeventiende eeuw veroverd door Nederland. Ons land speelde daar lange tijd de baas. De Nederlanders maakten mensen tot slaaf en lieten hen hard werken op plantages. Tula was één van hen. Net als de anderen werd Tula heel slecht behandeld. Ze kregen weinig eten of drinken, moesten keihard werken in de hitte en werden bijvoorbeeld geslagen met de zweep. Tula wilde hier iets tegen doen. Hij wilde zijn vrijheid terug. Hij sprak hier stiekem over met de andere slaven in hun eigen taal, het Papiaments. Een taal die de slaveneigenaren niet goed verstonden. Steeds meer slaven wilden met hem meedoen. Zo werd Tula leider van een grote opstand tegen de slavernij en de machthebbers. Maar de slaveneigenaren pakten de opstandelingen hard aan. Ze wonnen de strijd en namen Tula gevangen. Ze deden hem veel pijn. Als waarschuwing voor andere slaven die in opstand wilden komen. Op 3 oktober 1795 kreeg Tula de doodstraf. Dat gebeurde hier op de plek waar nu zijn standbeeld staat.