Welkom in Gansbaai, Zuid-Afrika. Zuid-Afrika staat natuurlijk bekend om zijn wildlife. Er zijn hier prachtige reservaten waar je de mooiste wilde dieren kunt spotten. Olifanten, de giraffe, de neushoorn. Maar ook hier langs de kust en op het water heb je een enorme variatie aan wilde dieren. Helemaal hier, langs dit stukje kust. Wij leven in Nederland, en Gansbaai ligt helemaal hier, vlakbij het zuidelijkste puntje van Zuid-Afrika. En er is hier iets bijzonders aan de hand. Vanuit Antarctica loopt namelijk een koude stroming langs deze kant van Afrika, de Benguela-stroming en aan de andere kant van het Afrikaanse continent loopt een warme stroming vanaf de evenaar, de Agula-stroming. En op de plek waar die twee stromingen samenkomen is iets bijzonders aan de hand. Dit is namelijk een gebied geworden waar heel veel verschillende soorten zeedieren voorkomen, en dat gebied daar zijn we nu, dat is hier. In de buurt van het kruispunt van die twee verschillende stromingen liggen twee eilandjes waaraan je dat heel goed kunt zien. Dyer island, met een kolonie Afrikaanse pinguïns en Geysers Rock, waar zo’n 40.000 Kaapse pelsrobben leven. De ruimte tussen die twee eilandjes in wordt Shark Alley genoemd, het is namelijk het jachtgebied van de witte haai. Je ziet wel heel veel zwarte vogels, dat zijn aalscholvers, maar dus geen pinguïns al lijkt het wel zo. He tis echt zoeken. Terwijl er een tijd was dat het hier volzat met pinguïns, 25,.000 paar en dat is inmiddels 2000 geworden, dus zo’n afname. Dat er zo weinig pinguïns op het eiland zijn tegenwoordig heeft alles te maken met guano. Dat is vogelpoep en daar maken de pinguïns hun nest van. Maar de boeren uit deze omgeving hebben dit eiland afgegraven omdat zij die guano wilden gebruiken als kunstmest. Wat ze nu doen is ze zetten huisjes neer zodat de pinguïns daarin kunnen broeden en hopen dat er dan meer pinguïns komen. Omdat de pinguïns het zo moeilijk hebben kunnen ze soms ook slecht voor hun jongen zorgen. Dus vrijwilligers brengen de jongen die alleen gelaten zijn van het eiland af en brengen ze naar een speciale plek. Dit is een pinguïnopvangcentrum en hier doen ze heel hard hun best om de pinguïnkolonie van Dyer island op peil te houden. Kijk nou, hier zitten ze allemaal. Je zou dit eigenlijk kunnen zien als een weeshuis. De wezen worden hier opgevangen en gevoed totdat ze voldoende kracht hebben om terug te kunnen. Er zitten volwassenen bij die bijvoorbeeld gewond zijn geraakt door vislijnen, er zitten pinguïns tussen die nog niet kunnen zwemmen en er zitten ook hele kleintjes bij en die moeten nog leren eten. Twee keer per dag worden de pinguïns gevoerd. En zoals je doorhebt houden ze precies bij hoeveel vis iedere pinguïn eet. En ze mogen natuurlijk niet te veel eten want daar worden ze lui en dik van en dat verkleint de kans op overleven wanneer ze terug moeten naar het wild. Het zijn kwetsbare dieren, die pinguïns. En het water hebben ze natuurlijk ook nog eens te maken met natuurlijke vijanden, dus ik hoop dat het goed gaat.